Als je gaat oefenen voor VCA Basis, wil je precies weten wat er komt. Hoeveel vragen zijn het? Welke onderwerpen tellen het zwaarst? En hoeveel moet je goed hebben om te slagen? Dit artikel geeft je alle cijfers op een rij.
De feiten over het VCA Basis examen
40
Examenvragen totaal
28
Minimaal goed (70%)
30 min
Examenduur
Het examen bestaat uit 40 meerkeuzevragen met vier antwoordopties per vraag. Elke vraag heeft maar één goed antwoord. Je hebt 30 minuten de tijd, wat neerkomt op gemiddeld 45 seconden per vraag, genoeg als je goed voorbereid bent.
Wat is de slagingsgrens?
Je moet minimaal 70% goed hebben om te slagen. Bij 40 vragen is dat 28 vragen goed. Haal je 27 of minder? Dan ben je gezakt, zelfs als je maar één vraag tekortkomt.
| Score | Aantal goed | Resultaat |
|---|---|---|
| 70% of hoger | 28–40 goed | Geslaagd |
| 67,5% | 27 goed | Gezakt (net) |
| 50% | 20 goed | Gezakt |
Er is geen herkansing tijdens het examen. Elke vraag telt even zwaar. Je kunt ook niet terugkomen op eerder beantwoorde vragen bij de meeste digitale examens, check dit vooraf bij je examenbureau.
Welke 10 onderwerpen komen er op het examen?
Het VCA Basis examen dekt tien veiligheidsthema's. De exacte verdeling per examen varieert iets, maar de onderwerpen hieronder zijn altijd vertegenwoordigd. De onderwerpen met “Hoog” gewicht leveren de meeste vragen op, focus hier extra op.
| Onderwerp | Vragen | Gewicht |
|---|---|---|
| Veiligheidsbeheer en wetgeving | 4–5 | Hoog |
| Gevaarlijke stoffen | 4–6 | Hoog |
| Brand en explosie | 3–5 | Hoog |
| Persoonlijke beschermingsmiddelen | 4–5 | Hoog |
| Werken op hoogte | 3–5 | Hoog |
| Elektriciteit en stroomgevaar | 2–4 | Gemiddeld |
| Machineveiligheid en gereedschap | 2–3 | Gemiddeld |
| Fysieke belasting en ergonomie | 2–3 | Gemiddeld |
| Milieu en afval | 2–3 | Gemiddeld |
| Eerste hulp en incidenten | 2–4 | Gemiddeld |
Verdeling is indicatief. De exacte samenstelling verschilt per examen.
De 5 zwaarste onderwerpen: hier moet je extra op oefenen
Analyse van examens wijst uit dat mensen het vaakst fouten maken op deze vijf onderwerpen. Ze combineren veel details met specifieke terminologie die je gewoon moet kennen.
Gevaarlijke stoffen
GHS-pictogrammen kennen, H- en P-zinnen begrijpen, VIB kunnen lezen. Minstens 4 vragen, besteed hier extra tijd aan.
Werken op hoogte
Volgorde van maatregelen (collectief voor individueel), wanneer valbeveiliging verplicht is en de regels voor ladders en steigers.
Persoonlijke beschermingsmiddelen
Welk PBM wanneer verplicht, wie verantwoordelijk is voor onderhoud en wat je doet bij beschadigd beschermingsmateriaal.
Brand en explosie
Branddriehoek, blusklassen, verplichte vluchtwegen en wanneer je zelf mag blussen vs. direct evacueren.
Elektriciteit
Definities (spanning, stroom, aarding), wat je moet doen bij elektrisch incident en welke werkzaamheden alleen door vakmensen mogen.
Hoe hoog is het slagingspercentage?
Exacte cijfers variëren per periode en examenbureau, maar schattingen liggen op een slagingspercentage van 60 tot 75% bij eerste poging. Dat betekent dat 1 op de 4 tot 1 op de 3 kandidaten de eerste keer zakt. De voornaamste reden? Onvoldoende gerichte voorbereiding.
Kandidaten die oefenen met echte examenvragen en minimaal 3 volledige oefenexamens hebben gedaan, slagen vrijwel altijd. De stof is niet erg moeilijk, het gaat om herkenning en herhaling.
Waarom meer dan 40 vragen oefenen loont
Het examen heeft 40 vragen, maar de examenbureaus putten uit een grotere vragenpool. Dat betekent dat hetzelfde onderwerp elke keer iets anders geformuleerd kan worden. Als je alleen de theorie leest maar nooit oefent met vraagvarianten, word je op het verkeerde been gezet.
Hoe meer vraagvarianten je hebt geoefend, hoe beter je patronen herkent, ook bij formulering die je nog niet eerder zag. Daarom heeft VCA Trainer meer dan 900 oefenvragen: zodat je het examen al meerdere keren in variaties hebt “gedaan” voordat je het echte examen maakt.
Conclusie
Het VCA Basis examen heeft 40 meerkeuzevragen, verdeeld over 10 onderwerpen. Je moet er 28 goed hebben (70%) om te slagen. De zwaarste onderwerpen zijn gevaarlijke stoffen, werken op hoogte en persoonlijke beschermingsmiddelen. Met gerichte oefening, liefst met meer dan 900 vraagvarianten, vergroot je je kans op slagen flink.